1873 De machinefabriek

De machinefabriek

1873

Zodra de Machinefabriek in Oudewater werd opgericht, wilde Adrianus daar al gaan werken. Het leek hem een enorme uitdaging en wat was er nou anders om te gaan werken hier in Oudewater? Je kunt op een touwbaan gaan werken of bij een boer. Of kolen sjouwen bij de gasfabriek, maar daar word je ook niet wijzer van. Er zijn een paar smeden in Oudewater en dat leek Adrianus wel wat. Maar werk als smidsknecht levert niet zoveel op, dan moet je een eigen smidse hebben en daar is geld voor nodig. Adrianus houdt van techniek, net als zijn broer Jan Gorsseling. En zijn vader zeker! Die was ook direct bij de directeur van de Machinefabriek gaan vragen of er werk voor hem was. Mijnheer De Jongh had daar wel oren naar. Vader kon er komen werken zodra de eerste fabriekshal gebouwd was en de stoommachine was geïnstalleerd. De eerste stoommachine in Oudewater!

In die eerste maand moest er gereedschap voor de fabriek gemaakt worden. En een kast voor de tekeningen van de machines die ze zouden gaan bouwen. Zijn vader heeft tussendoor ook gewerkt aan een pontje. En toen gingen ze de eerste stoombaggermachine bouwen, vooral om opdrachtgevers te laten zien wat ze allemaal konden maken. Daar had zijn vader dus aan gewerkt. De fabriek staat natuurlijk precies op de juiste plek, langs de Hollandsche IJssel en bij een restje van de oude grachten om de stad. Water genoeg om zo’n machine uit te proberen! En zijn vader werkt echt aan het mechaniek, niet aan simpele dingen als de emmertjes voor zo’n baggermolen. Er zijn ook een paar handbaggermachines gebouwd, want soms is een stoombaggermachine echt te groot.

De eerste grote opdracht die binnenkwam, was een waterreservoir voor stoomlocomotieven bij het station Kapelle-Biezelinge in Zeeland. Dat is echt een grote opdracht en zijn vader werkt daaraan. En nu zijn er nog meer opdrachten gekomen en er is dus meer personeel nodig. Directeur De Jongh was in de hal langs geweest en had gevraagd of ze nog geschikte jongens kenden om op te leiden voor het werk. Zijn vader had natuurlijk direct hem en zijn broer Jan Gorsseling voorgesteld.

Samen met zijn vader en zijn broer loopt Adrianus ’s morgens vroeg in het donker naar de fabriek. Het is december, de dagen zijn kort en dus moeten ze op de fabriek zijn als het licht wordt. Dit gaat zo anders worden dan bij die smid! Daar had je een blaasbalg om het vuur gelijkmatig te laten branden, en die moest je met de hand laten pompen. Hier op de Machinefabriek gaat dat met stoomenergie. Adriaan weet al dat hij verantwoordelijk gaat worden voor het stoken van de stoommachine. Het vuur moet gelijkmatig blijven branden, zodat het water in de ketel niet te heet wordt, maar er moet wel voldoende stoom zijn om het mechaniek van de gereedschappen aan te drijven.

Als ze binnenkomen, moeten ze zich eerst melden. De tijd dat ze binnenkomen wordt opgeschreven op een leitje en ook de tijd dat ze naar huis gaan. Aan het eind van de week wordt het in de boeken gezet, per opdracht. Het wordt heel precies bijgehouden want ze krijgen per uur betaald. Jan Gorsseling krijgt 4 cent per uur en zijn vader krijgt 11 cent per uur. Maar die is dan ook een volleerd smid en de directeur waardeert vakmanschap. Adriaan is de jongste en hij krijgt twee-en-een-halve cent per uur.


Auteur: Nettie Stoppelenburg
Tijdvak: Tijd van burgers en stoommachines | Hoofdlijn: Wat weten wij?


Weetjes

Adrianus
Adrianus Stekelenburg is geboren op 22 november 1858. Hij was de zoon van Gorsseling Stekelenburg en Adriana Opendorp. Zijn broer Jan Gorsseling was drie jaar ouder. Gorsseling Stekelenburg was één van de eerste werknemers van de Machinefabriek. In december 1873 kwamen ook Adrianus en zijn broer in dienst van de fabriek. Hun namen staan genoemd in het ‘werkboek’ van december. Dat werkboek hoort bij het archief van de fabriek, dat bewaard wordt bij RHC Rijnstreek en Lopikerwaard. Adrianus en Jan Gorsseling werden allebei smid bij de Machinefabriek. Gorsseling was een goede vakman die ook ‘op karwei’ gestuurd werd als ergens iets gerepareerd moest worden. Adrianus stierf al in 1879, maar Jan Gorsseling trouwde en er leven nog steeds nakomelingen van hem in Oudewater.
De machinefabriek
In 1872 richtten Gerrit Johan Wilhelm de Jongh en Arius Wilhelmus Martinus Jongeneel een fabriek van werktuigen en ijzerconstructies op. Op 19 juli kocht hij voor 5.000 gulden van de gemeente Oudewater grond op de vestingwerken van IJsselveere. Op 6 augustus vroegen zij een hinderwetvergunning aan voor de stoommachine. Het duurde even voordat die geleverd was en voordat de eerste fabriekshal gebouwd werd. Pas in 1873 kon de fabriek echt van start.
Baggermachines

Het bedrijf specialiseerde zich in baggermachines en al snel kregen zij opdrachten van over de hele wereld. Zij maakten ook machines die gebruikt zijn om kanalen te graven bij de drooglegging van de Zuiderzee en voor het sluiten van het laatste stuk van de Afsluitdijk. Er zijn veel oude foto’s bewaard van de baggermachines die hier gebouwd werden.

Het bedrijfsterrein aan de Westerwal
De Machinefabriek bestaat nog steeds en heet tegenwoordig Machinefabriek De Hollandsche IJssel.


Opdracht

Hoe werkt een stoommachine? Beschrijf hoe een stoommachine werkt of teken een stoommachine.